
Vandaag kwam de Tour door het dichtsbijzijnde dorpje Montel de Gelat. En ik dacht, ach, laat ik ‘ns gaan kijken hoe dat er aan toegaat. Begrijp me goed, ik geef echt geen ene ruk om de Tour, ik kijk zowiezo nooit naar sport. En vroegâh wist ik nog wel ‘ns wie er mee deed, Joop Zoetemelk bijvoorbeeld of Eddy Mercks. En ik herinner me dat ik ooit toen ik als kleine meid (heul lang geleden) met mijn ouders en broer op vakantie was in Frankrijk en dat de Tour daar ook voorbij kwam en dat ik langs de kant naar Bernard Hinault heb staan schreeuwen toen ie langskwam. In z’n gele trui geloof ik. Nu weet ik niet eens wat voor ’n Nederlanders er mee doen, ook niet wat voor Fransen trouwens. Maar ik wilde eens wat reuring gaan beleven.
En het was ’n hele belevenis, een klein belevenisje welliswaar. Schattig eigenlijk. Alle gendarmes uit de omgeving waren opgetrommeld. Die voelden zich heel belangrijk. Er stonden dranghekken natuurlijk maar de meeste mensen stonden vóór die hekken in plaats van erachter. Het was een aangename sfeer, niet teveel mensen en niet te weinig. Het was 10.15 uur maar enkele mensen waren al licht aangeschoten want overal stonden simplistische kraampjes met grote plastic vaten met water erin waarin bierflesjes dreven. En ook frisdrank hoor.
Ik ging natuurlijk op de fiets, en niet op mijn elektrische ijzeren ros want dat kon ik niet maken vond ik, maar op mijn gewone. Het is tenslotte hooguit 10 minuten hiervandaan. Maar wel omhoog. Ik dacht nog eraan of ik aan extra slot zou moeten meenemen omdat er natuurlijk ook slecht volk afkomt op zo’n evenement. En ik dacht bij mezelf dat ik ook zou moeten oppassen voor zakkenrollers. Ik had alleen een briefje van 20 euro in mijn zak gestoken. Geen portemonnaie. Ha, ha, toen ik daar aankwam vond ik dit echt belachelijke gedachten die voortkwamen uit mijn Nederlandse geest. Het is hier gewoon een kneuterig samenzijn.

Onderweg hoorde ik een helicopter. Gek genoeg bouwde zich een beetje spanning op in mij, hoe dichterbij ik kwam hoe meer. En het was alleen nog maar de karavaan waar ik heen ging want het peloton kwam 2 uur later. Ik vond een leuk plekje ergens bij de kerk op een muurtje. Heel relaxed allemaal. Een gendarme kwam naar mij toe om te vertellen dat mijn fiets niet daar op de weg mocht. Nee meneer dat was ik ook helemaal niet van plan. Maar goed, hij had even iets te doen door mij terecht te wijzen. Want het bestaat natuurlijk allemaal uit wachten daar. Er waren volgens mij alleen maar Fransen die keken. Een ouder stelletje, onberispellijk gekleed. Mensen met wat vodderige kleding. Kinderen. De meesten kenden elkaar en er werden veel handen geschud. Het was een soort ontmoetingsplek ook.
En daar kwam de 1e auto, en toen een 2e waarop stond dat de karavaan eraan kwam! Wowie, hij komt eraan! Adrenaline verzamelde zich in mij. Na 10 minuten kwam ie eindelijk. Allerlei vrolijke auto’s die en karren die ergens reclame voor maken. Met zingende, schreeuwende en dansende mensen erop en erin. En muziek erbij. Er worden van allerlei gadgets, petjes, snoep em wat dies mee zij het publiek ingegooid. Ik heb een sleutelhanger met een traktorretje gescoord, yes!

Na de karavaan ben ik weer naar huis gefietst, ik had geen zin om nog 1,5 uur daar te wachten op het peloton. Enfin, toen ik voor de 2e keer ging vond ik het nog enververender, er waren 4 heli’s in de lucht. Ik vond een ander plekje dit keer, in een bocht, zodat ze iets langzamer gingen. Ik kon er nog mak-ke-lijk bij, vooraan gewoon ook.

Tegenover mij stond een hilarisch stel lawaai te maken met een koeienbel.
Dat bedoel ik dus met kneuterig.
De spanning bouwde weer op. Bij elke motor of auto klonk er luid gejuig. Dat waren er trouwens heel veel, auto’s. Met op hun dak voor miljoenen euro’s aan fietsen. En motoren ook veel. Ik zag het busje met matrassen niet, ha, ha. Dat moet ik even uitleggen. Ik vroeg mij laatst af waar die renners altijd slapen. In hotels? Maar is er dan een hotel in Evaux les bains waar ze zijn gestart? Dat is namelijk ook een plaatsje van niks. Maar ja, ze slapen in hotels, en nu blijkt er een firma te zijn die voor elke renner gedurende de hele toer een persoonlijke matras vervoert. En die leggen ze dan van te voren in het bed van de desbetreffende renner. En ook een eigen dekbed en zo. Wisten julle dat? Grappige, heel onnuttige kennis. Het kan natuurlijk ook nepnieuws zijn al zie ik daar de grap niet van in om daar nepnieuws over te maken. Tegenwoordig geloof ik niet zoveel meer namelijk, wat ik allemaal lees op internet. Maar goed ik heb een levendige fantasie en zie dat dan echt voor me dat er een mannetje op de kamerbordjes kijkt waar Jean met de pet slaapt en dat die dan de matras die daar ligt eraf sjort. Valt toch echt niet mee met die boxsprings van tegenwoordig. En dat die dan in de stapel in z’n bussie zoekt naar de matras van Jean, hem er tussen uit trekt en hem het hotel in sleept. En wat doe je dan met die boxspring, zetten zie dan recht tegen de muur? En dat dan tig keer. Hoeveel van die gasten fietsen er eigenlijk mee op zo’n etappe? En zouden ze hun lievelingsfiets mee naar hun kamer nemen? Zodat ze er zeker van zijn dat ie er morgen nog is?

En uiteindelijk daar-komen-ze! De renners. Ging verdomd snel, ook al stond ik in een bocht. Ach die jongens.
Mijn spanningsballon was ineens lek geprikt. Grappig zoals dat werkt. Iedereen slenterde zo langzaamaan weer naar huis of naar hun auto. Het regende trouwens niet. Een wonder.
De video van de vorige blog die doet het weer hoor, over het gastenverblijf, dus als je die gemist hebt kun je ‘ns kijken.
